Nieuws



Waarom worden er per jaar minder dan 10.000 warmtepompen verkocht en meer dan 200.000 verwarmingsketels?

Veel woorden, weinig daden
Zowel de federale als de regionale regering én alle bevoegde ministers verklaren zich steevast enthousiaste voorstanders van hernieuwbare energie. België heeft zich op Europees vlak tevens volmondig geëngageerd om de CO2-uitstoot drastisch te verlagen. Maar in de praktijk gebeurt er veel te weinig om àlle mogelijke toepassingen van hernieuwbare energie te ondersteunen.
De sector van de PV-zonnepanelen hoeft niet te klagen sinds Bart Tommelein minister van Energie werd, maar warmtepompen (en zonneboilers) worden opvallend stiefmoederlijk behandeld. De groei van de warmtepompenmarkt is dan ook helemaal niet in overeenstemming met het potentieel dat deze technologie heeft op het vlak van hernieuwbare energie en vermindering van CO2-uitstoot. Er worden momenteel minder dan 10.000 (ecologische) warmtepompen per jaar verkocht tegenover meer dan 200.000 gas- en mazoutketels. En dat terwijl iedereen het erover eens is dat aan het tijdperk van de fossiele brandstoffen een einde moet komen. Hoe komt dat?

Onze elektriciteit kost te veel in verhouding tot fossiele brandstoffen
Een groot probleem in België is dat de prijskloof tussen elektriciteit en fossiele brandstoffen te groot is. Alle types van warmtepompen hebben immers elektriciteit nodig om te kunnen werken.
Sinds de doorstart van onze kerncentrales produceren we in België elektriciteit aan ongeveer 5 cent/kWh. De centrales zijn al volledig afgeschreven en de elektriciteit die zij opwekken is op dit ogenblik dan ook de goedkoopste van heel Europa. Maar, diezelfde elektriciteit wordt doorverkocht aan particuliere gebruikers voor ongeveer 30 cent/kWh: het duurste tarief in heel Europa! Dit is het gevolg van de diverse heffingen op de elektriciteitsprijs om de overgang naar hernieuwbare energie te betalen. De fossiele sector ontsnapt hieraan, hoewel het net de CO2-uitstoot van deze laatste is, die bijdraagt aan de klimaatopwarming.
Er wordt daarenboven geen onderscheid gemaakt tussen de diverse toepassingen waarvoor mensen elektriciteit gebruiken. Iemand die zijn woning verwarmt met een milieuvriendelijke warmtepomp betaalt voor de elektriciteit die hij daarvoor nodig heeft hetzelfde tarief als iemand die zijn huis nog steeds elektrisch verwarmt. Het zou toch veel logischer zijn om een ander elektriciteitstarief te hanteren voor gebruikers die investeren in groene verwarming. Dit principe wordt reeds toegepast voor elektrische wagens, dus moet dit ook kunnen voor warmtepompen.
Een warmtepomp is bovendien combineerbaar met zonnepanelen (PV of thermisch), waardoor het aandeel groene warmte en hernieuwbare energie nog eens verhoogt.

De huidige EPB-berekening discrimineert warmtepompen
Bij de wijziging van de berekening van het EPB van gebouwen (Energieprestatie en Binnenklimaat) in maart 2017, werden PV-zonnepanelen aanzienlijk bevoordeeld. Ze telden veel meer mee om een beter E-peil te halen dan warmtepompen. Dat maakte deze laatste technologie minder aantrekkelijk. De Vlaamse Regering heeft ondertussen ingezien dat elke vorm van hernieuwbare energie evenwaardig is. Daarom wordt de berekeningswijze op 1 januari 2018 aangepast, zodat warmtepompen en zonneboilers correct naar waarde worden geschat en ze opnieuw belangrijker worden bij het berekenen van het E-peil.
Het blijft wel spijtig, dat de EPB-berekening nog altijd uitgaat van een primaire energie-efficiëntie van 2,5 voor elektriciteit (primaire energie is de energie die nodig is aan de bron om het uiteindelijke energiegebruik te dekken). Nochtans heeft de Europese Commissie in 2016 beslist om dat getal naar 2 te verlagen omdat de productie van elektriciteit al groener geworden is. Indien Vlaanderen de Europese richtlijn zou volgen, zouden warmtepompen veel beter scoren bij de EPB-berekening.

Hernieuwbare energie moet écht gestimuleerd worden
InfoWarmtePomp.be pleit ervoor dat de overheid volop de kar trekt van de hernieuwbare energie en dit via allerlei positieve maatregelen stimuleert. Concrete voorbeelden zijn een snellere implementatie van de Europese richtlijnen, premies gebaseerd op de CO2-vermindering (bij nieuwbouw én renovatie), lagere elektriciteitsprijzen (of een specifiek warmtepomptarief) en een verplicht minimumaandeel hernieuwbare energie bij renovatie.
In plaats van de staatskas te spekken met inkomsten die rechtstreeks gerelateerd zijn aan alles wat hernieuwbaar is, moeten we resoluut geloven in de mogelijkheden van hernieuwbare energie. Deze hoogtechnologische sector zal op korte en middellange termijn inkomsten en werkgelegenheid genereren uit de verkoop en installatie van deze producten. En die inkomsten zullen de overheid via belastingen en btw flink wat meer opbrengen dan nu het geval is.
Alleen al door de kloof tussen de prijs van elektriciteit en fossiele brandstoffen te laten dalen tot een aanvaardbaar niveau, zal de verkoop van warmtepompen toenemen. Zo creëren we een verhaal met alleen maar winnaars. Warmtepompen kunnen ervoor zorgen dat de Belgische CO2-uitstoot van residentiële gebouwen daalt, waardoor de Europese CO2-doelstellingen gehaald kunnen worden. En de (ver)bouwers krijgen een betaalbare oplossing voor hun huidig en toekomstig energieverbruik. Een win-winsituatie dus.


Bron: www.infowarmtepomp.be
 

Waarom worden er per jaar minder dan 10.000 warmtepompen verkocht en meer dan 200.000 verwarmingsketels?